Shutterstock: Mangostar

Als álles straks weer kan, moet jij met collega Dennis koffie drinken

Straks, op de dag dat álles weer mogelijk is, als er overal festivals zijn, iedereen grote feesten organiseert, mensen elkaar omhelzen en de hele nacht door dansen, op die dag heb jij al afgesproken om met je collega koffie te drinken.

Terwijl je telefoon overstroomt met berichten van vrienden die je soms al maanden niet hebt gezien en aangeraakt, ben jij op weg om Dennis te zien, je collega die ook ooit je stagebegeleider was, om iets te drinken. Dat heb je hem namelijk vorig jaar mei beloofd via een chatgesprek dat jullie hadden via Microsoft Teams. En dus nemen jullie plaats op een terrasje van een café dat niet hip is, niet rustiek en zelfs niet authentiek. Op straat zal een groep meisjes luid toeterend op scooters voorbijrijden. 

Je kent zeker vier mensen die op dit moment aan een orgie deelnemen maar jij zit aan een kunststof tafeltje cassis te drinken met Dennis, die je niet eens heel aardig vindt omdat je eigenlijk vooral medelijden met hem voelt. Hij had toch liever cassis dan koffie. Je houdt niet eens per se van cassis, zal je bij jezelf denken, maar Dennis vindt het erg lekker. Dennis zou het niet eens erg hebben gevonden als jij iets anders had besteld – Fritz-Kola of cappuccino of zelfs iets alcoholisch – maar jij hebt jezelf pro-actief laten meesleuren, ouwe pleaser die je bent.

Zo fijn dat dit weer kan hè, zegt Dennis tegen je. Je ziet dat je zeventien gemiste oproepen hebt van vrienden en leest een berichtje dat ze doorgaan naar een ander feest. Even zal je met de gedachte spelen om Dennis te vertellen dat je graag naar een van de orgies gaat waar je over gehoord hebt en dat hij eventueel wel mee kan als hem dat ook leuk lijkt. Je kijkt hem aan en laat dat plan meteen weer varen.

Ja, heel fijn, zeg je tegen Dennis, en je neemt een slok cassis.


Uw reactie telt. Juist nu.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.