Dijkstal - speelt noot - Flickr Eddy Westweer

Toon politiek debat ‘ronduit vals’

Suggestie: Wilders op trombone en Agnes Kant op cello

De toon van het politiek debat is niet meer wat hij is geweest. Dat beweert onderzoeker Ronald Heek in het proefschrift dat hij deze week verdedigt aan de Universiteit Utrecht.  Jarenlang wetenschappelijk onderzoek bevestigt wat velen al vermoedden: de toon wordt scheller, bij vlagen vals en vaak verzuurd.

Voor het onderzoek zijn historische opnames van kamerdebatten beschikbaar gemaakt en digitaal geanalyseerd. De oudste bekende opnames van het maatschappelijk debat stammen uit begin jaren dertig. Heek: “Dat zijn weldadige momenten, waar je tegenwoordig vergeefs naar zult zoeken. Beschaafde heren zetten hun sonore stemgeluid met veel levensgevoel in, tegen een achtergrond van netjes afgewerkte en politiek uiterst correcte elitemeningen. Als het dan toch tot discussie komt, blijft het een beschaafd duet.”

Tijdens zijn onderzoek is Heek een groot fan geworden van de nu vrijwel vergeten VDB-politicus Bertrand Vrijdemeijer. Hij geeft een voorbeeld: “Vrijdemeijer verschilt in het debat over kinderarbeid van mening met KVP-politicus Hoeckstein. Je hoort dan hoe hij van A Groot naar C Klein moduleert. Hoeckstein antwoordt met een grote terts, het dreigt dissonant te worden… maar ze eindigen in E Groot. Schitterend”. Volgens de onderzoeker gaat het om zeer hoogstaande melodieuze wendingen, die harmonieus samenvallen met de subtiele wendingen en de uiteindelijke resolutie van het debat.

Onder het eerste paarse kabinet (1994 – 1998) viel de ‘confessionele baslijn’ echter weg, de melodieën liepen langzaam uiteen, en volgens Heek ging het daarna alleen nog maar bergafwaarts. Recente debatten zijn veel minder plezierig van toon, zo zegt hij, “bij vlagen afgrijselijk.” Opvallend genoeg zijn het tegenwoordig vooral vrouwen die voor de harmonieuze onbalans zorgen. “Zo’n Marianne Thieme, die zou je toch eigenlijk op verplichte bijscholingscursus bij de muziekschool moeten sturen,” aldus Heek, “ze verstoort bijvoorbeeld een melodieus debat in E-groot over landbouwheffingen door op een dissonante verhoogde septiem ‘Bio-industrie’ uit te spreken. Dan zit je als bezoeker te huiveren in je stoel.” Ook Agnes Kant moet het in het rapport ontgelden. Zij zou ‘de eerste viool willen spelen, terwijl ze van toeten noch blazen weet.’ Het onafgebroken hameren op de AOW is, zo schrijft Heek, een van de grootste wanklanken van de laatste decennia.

Heek geeft aan dat zijn bevindingen verregaande gevolgen kunnen hebben. “We weten uit dierproeven dat langdurige disharmonie allerlei nare bij-effecten heeft. Ratten die eraan worden blootgesteld, beginnen al na een half uur hun eigen haar te consumeren. Psychologisch onderzoek wijst uit dat het luisteren naar deze toon kan zorgen dat mensen worden getroffen door een neiging tot onduidelijkheid, het voortdurend veranderen van mening en een diepgevoelde behoefte om zomaar iets te roepen.”

De onderzoeker roept dan ook op tot snelle actie. “Er is absoluut reden tot grote zorg.” Volgens de onderzoeker kan de toon van het politiek debat worden bijgeschaafd door muzikaal-harmonieuze interventies. “We hebben in onze modellen gekeken naar selectieve neutralisatie. Het is wat technisch, maar het komt er op neer dat de uiteenlopende spelers op de juiste momenten compensatoir spelen. De succesformule zou wat ons betreft Wilders op de trombone, Balkenende op dwarsfluit en Agnes Kant op cello zijn. Maar het blijft de vraag of dat politiek haalbaar is.”


Uw reactie telt. Juist nu.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

gravatar

Er worden hier wel de lelijkste voorbeelden naar voren gehaald. Richard de Mos kan bijvoorbeeld weer heel mooi urenlang een rivierkei op een holle boomstam slaan.

(0)^
• Reageer
gravatar

Ik vind dit een tamelijk tendentieus stuk. Heeft er wel voldoende research en wederhoor plaatsgevonden bij dit onderzoek? Ik mis bijvoorbeeld de immer gefundeerde mening van een gerenommeerde wetenschapper als Bert Bokhoven. En ik zou ook heel graag de mening in deze van een deskundige als Rokus de Groot, hoogleraar muziekwetenschap aan de UvA vernemen.

(0)^
• Reageer
gravatar

Geduld Haes, geduld!
Bert Bokhoven heeft van zichzelf al een neiging tot iets te overhaast een mening vormen, die moeten we niet ook nog gaan opjagen.
Rokus de Groot daarentegen is duidelijk wat bedachtzamer en zal eerst het hele proefschrift willen lezen en overdenken, alvorens een weldoordachte en goedgefundeerde mening te geven.
Zoals een van mijn broertjes placht te zeggen: “Goed werk kost tijd!”

(0)^
• Reageer
gravatar

Alleen de suggesties al! Er is duidelijk niet gekeken naar de aard van het beestje, bij het aangeven wie welk instrument zou moeten bespelen. Daarin zou mn Marianne Thieme weer heel geschikt zijn) Agnes Kant op cello, terwijl de confessionele baslijn zo node gemist wordt? En Balkenende op de dwarsfluit terwijl het dwarsliggen juist zo toevertrouwd is aan Agnes Kant?! Het is jammer dat Boekestijn weg is. Die zou achter de harp wellicht een verrassende harp-oen zijn. (Ook heel anders dan het slaan van de flater en het voor de muziek uitlopen)
Wilders zou ik slechts de triangel toevertrouwen, terwijl de trombone mij meer iets lijkt voor van der Vlies. Aan Pechtold zou ik het gitareren over durven laten terwijl Tofik Dibi het zal moeten doen met af en toe hard op de pauken slaan.
Rokus de Groot zou dit vast niet adviseren. Dat heeft wellicht te maken dat hij nog immer benauwd is voor zijn baan aan de UvA. ‘Als straks de Tweede Kamer al Kamermuziek gaat maken, waar blijf je dan als muziekwetenschapper van de UvA?’

(0)^
• Reageer
gravatar

Als u goed had gelezen, heer Showfeur, dan had u kunnen constateren dat Agnes Kant (ik citeer:) “van toeten noch blazen weet”. Die kun je dus moeilijk op de dwarsfluit kwijt. Vandaar ook haar neiging de eerste viool te willen spelen, maar daar zit ook meteen haar probleem.
Ze heeft jarenlang slechts tweede viool mogen spelen, aangezien Jan Marijnissen de rol van primarius volledig opeiste. Dat betekent dat, vooral in de hogere liggingen, haar oppositiespel nog niet volledig op niveau is. Maar met enige lessen bij bv. Jaap van Zweden, komt dat allemaal wel goed.

Ook Wilders op slagwerk (al is het dan slechts de triangel) lijkt mij niet aan te bevelen. Ik zou Wilders eerder een tacet-partij willen laten spelen. Dat past ook beter bij zijn stijl: een volledig blanke pagina!

(0)^
• Reageer